ShortThrill 4: Zonder mama

De stof van haar groene tricot jurk zwiert rond haar knieën als Helena met het gele vaatdoekje de kruimels van het stokbrood dat ze eerder vanavond hebben gegeten, bij elkaar schuift. Helena houdt haar gespierde hand onder de rand van het aanrecht en laat de kruimels erin vallen. Met haar voet op het pedaal opent Helena de afvalemmer en klopt haar handen leeg. Haar haar, niet grijs maar bruin, heeft geen enkele krul, het hangt stijl naar beneden. In de fauteuil die haar moeder jaren geleden in een nabijgelegen Frans dorpje op een rommelmarkt heeft gevonden, volgt Astrid vanuit haar ooghoek iedere beweging van Helena. Haar boek als façade houdt Astrid half voor haar gezicht. Helena wringt met kracht het vaatdoekje uit en hangt het over de kraan in plaats van het droogrek. Misschien lag het voor de hand dat haar vader juist bij Helena zijn troost zocht.

‘Ben je niet moe van de lange reis?’ vraagt Helena. Astrid richt haar blik op haar boek en mompelt:
‘Phil heeft de hele weg gereden en Veda vermaakte zich achterin met de tablet. Ik heb grote stukken geslapen.’
‘Ik ben blij dat jullie toch gekomen zijn. Het betekent veel voor je vader dat de gezamenlijke vakantieweek gewoon doorgaat. Alsof er niets is veranderd. Hoorde je dat Veda mij vandaag oma noemde?’ Astrid zucht en staat op uit de fauteuil. Door de geopende tuindeuren loopt ze het terras op waar het geluid van de ruisende zee zich vermengt met de tjirpende krekels. Ze loopt voorbij het zwembad waar de opblaasbare eenhoorn van Veda drijft, naar de plek waar haar moeder heeft gestaan, starend over de zee die ‘s nacht zijn azuurblauwe kleur verliest. Astrid legt haar handen op de ijzeren balustrade en kijkt naar de diepte waar de klotsende golven worden stukgeslagen tegen de rotsen. Ze knippert haar tranen weg. Achter zich hoort ze de voetstappen van Helena die haar achterna is gekomen.

‘Was het een opwelling?’ vraagt Astrid. Helena komt naast haar staan en trekt haar schouders op.
‘Ik weet het niet. Ik ben die avond vroeg naar bed gegaan.’
‘Maar heeft mama iets gezegd? Was ze verdrietig? Ik begrijp het gewoon niet.’
‘Ze was stiller dan anders. Vermoeidheid, zei ze. Als ik het had geweten, had ik haar nooit alleen gelaten. Ze was mijn beste vriendin, Astrid. Ik mis haar.’ Astrid snuift en kijkt Helena voor het eerst vandaag in de ogen.
‘Is dat zo?’
‘Ik weet dat het snel is gegaan. Het was nooit de intentie om verliefd te worden.’
‘Je nieuwe rol lijkt je anders aardig te bevallen.’
‘Het verlies van je moeder heeft de liefde in een stroomversnelling gebracht.’ Helena knijpt met haar oogleden en kijkt Astrid doordringend aan. De wind speelt met Helena’s stijle bruine haar. Ze lijkt in niets op mama. Zelfs haar leeftijd komt niet in de buurt. Een gemeenschappelijke deler tussen haar moeder en Helena, naast de straat waarin ze beiden wonen, heeft Astrid niet kunnen vinden. De kop koffie die Helena dagelijks kwam drinken was genoeg om vorig jaar samen naar het huis in Frankrijk te rijden.

‘Was ze zo ongelukkig?’ vraagt Astrid.
‘Ze zeurde veel,’ zegt Helena. De toon in haar stem verandert.
‘Waarover?’
‘Over je vader. Hij kon niets goed doen. Ze zag niet in wat ze had, Astrid. Ze verdiende hem niet.’ Astrids maag draait zich om.
‘Wat zeg je?’ Helena’s ogen worden groot als ze beseft wat ze heeft uitgesproken. Ze kijkt weg, naar de zee. Alsof het antwoord dat haar uit deze situatie kan redden deint op de golven in het maanlicht. ‘Is dat de reden dat mama sprong? Heb je dat tegen haar gezegd die avond?’
‘Je moeder hield niet van je vader. Niet zoals ik dat doe,’ zegt Helena. ‘Het was geen opzet.’ Astrid schudt haar hoofd en knijpt haar ogen tot spleetjes.
‘Wat was geen opzet?’
‘Ik wilde haar niet duwen. Het gebeurde voor ik er erg in had,’ excuseert Helena zich. Heel langzaam spreekt Astrid de woorden uit die ze amper kan bevatten.
‘Jij duwde haar.’ Het ongeloof wordt overspoeld door woede. ‘Moordenaar.’ Ze draait zich om en wil teruglopen naar het huis, maar Helena grijpt de bovenarm van Astrid vast voor ze een stap heeft gezet.
‘Wat ga je doen?’
‘De politie bellen.’
‘Nee.’ De nagels van Helena boren zich in de huid van Astrids bovenarm. ‘Dan maak je alles kapot.’
‘Raak me niet aan,’ schreeuwt Astrid en probeert haar arm los te krijgen uit de greep. Helena trekt Astrid tegen zich aan en drukt haar vrije hand op Astrids mond.
‘Sssst, je gilt iedereen wakker. Je lijkt je moeder wel.’ Ze drukt Astrid tegen de balustrade. De reling tegen haar buik. Met haar handen omvat Astrid het ijzer om zichzelf tegen te houden. ‘Hoe kon hij dat secreet liefhebben? Mij zag hij niet staan. Alles heb ik geprobeerd om zijn aandacht te trekken. Zij stond in de weg.’ In paniek probeert Astrid zich los te worstelen. Onder zich ziet ze de witte schuimkoppen botsen tegen de rotsen. Helena grijpt Astrids nek vast en duwt haar hoofd naar beneden. De zwaartekracht trekt verlangend aan Astrid. Ze voelt hoe haar schoenen de grip verliezen op de ondergrond. Haar lijf balanceert op de reling.

‘Phil,’ krijst Astrid met alles wat ze in zich heeft. Haar stem waaiert uit over de grote leegte van de kust. Ze denkt aan Veda. Hoe ze zal opgroeien zonder mama. De angst die de gedachte met zich meebrengt stuwt een ongekende kracht in haar omhoog. Onverwachts voor Helena zet Astrid zich af en draait zich om. Helena’s hand schiet los uit haar nek. Ze klapt over de balustrade en verliest haar evenwicht. Helena’s hoofd duikt naar beneden, haar benen vliegen een kort moment omhoog en volgen dan de rest van haar lichaam in de vlucht naar de afgrond. De groene tricot stof van haar jurkje fladdert om haar heen tot ze zich met een smak vouwt om de rots waar Astrids moeder een jaar geleden werd gevonden. Astrid slikt. In shock. Haar wangen nat van de tranen die ze niet eerder heeft opgemerkt. Ze schrikt van de hand die op haar rug wordt gelegd.
‘Wat is er gebeurd?’ hoort ze Phil vragen, maar er komen geen woorden uit haar mond, haar ogen gefixeerd op de groene vlek op de rotsen.

Meld je aan voor de ShortTrhill-alert en ontvang een email zodra er een nieuwe ShortThrill wordt gepubliceerd.


About

Reacties